Het is een van de meest gehoorde verzoeken in het bedrijfsleven. Leidinggevenden en directeuren krijgen de opmerking regelmatig te horen in evaluaties. Het klinkt concreet, maar in de praktijk laat het mensen vaak in verwarring achter. Want wat wordt er nu écht mee bedoeld?
Wat schort er precies aan de huidige situatie? Wat is de bedoeling? Gaat het letterlijk over vaker je gezicht laten zien op de werkvloer, of gaat het over iets abstracters: dat je aanwezigheid voelbaarder moet zijn? Voor wie dan? En met welk doel?
Het probleem met dit soort managementjargon is dat gesprekken vastlopen omdat we verschillende dingen bedoelen met hetzelfde woord. Het is vergelijkbaar met de opmerking dat iemand “meer respect moet tonen”. Pas wanneer het gesprek concreet wordt (Wat mis je precies? Wat zou je anders willen zien?) krijgt het woord betekenis. Bij de roep om zichtbaarheid is dat niet anders.
Vaak wordt bij zichtbaarheid direct gedacht aan fysieke aanwezigheid. Hoe je aan een vergadertafel zit, hoe je kijkt, of je letterlijk ruimte inneemt of jezelf juist (on)zichtbaar maakt als je door het pand loopt of hoe je een groep toespreekt.
“Ik loop al de hele tijd expres rond, spreek juist af in de kantine, wat moet ik nog meer doen!?”, is een veelgehoorde eerste reactie.
Maar fysieke aanwezigheid is slechts een deel van hoe iemand zichzelf positioneert binnen het geheel. Die zichtbaarheid begint van binnenuit. Onder de oppervlakte spelen vaak overtuigingen mee over hoeveel ruimte iemand mag innemen, hoe zichtbaar je jezelf hoort te maken of wat goed leiderschap eigenlijk is. Bijvoorbeeld dat bescheidenheid belangrijker is dan richting geven, of dat een uitgesproken mening vooral spanning oproept. Wanneer zulke overtuigingen meespelen, helpt vaker zichtbaar aanwezig zijn meestal niet.
Echte zichtbaarheid gaat vooral over de mate waarin iemand rust, richting en overtuiging uitstraalt.
Mensen willen uiteindelijk niet alleen een leider zien, maar iemand voelen die de bedoeling van de organisatie belichaamt. Iemand van wie woorden, keuzes en gedrag met elkaar overeenkomen, geeft vertrouwen, duidelijkheid en houvast.
In veel gevallen is “zichtbaarder zijn” daarom eigenlijk een ongemakkelijke manier om te zeggen: “Laat ons voelen waar jij voor staat.”
Mensen willen weten hoe iemand naar een complexe situatie kijkt, welke richting hij of zij voor ogen heeft en of woorden en gedrag met elkaar in balans zijn. Zichtbaarheid ontstaat wanneer leiderschap van binnenuit klopt. Wanneer iemand verbonden is met waar hij of zij voor staat, daar woorden aan kan geven en daarin zichtbaar durft te worden. Mensen voelen het wanneer visie, overtuiging, gedrag en bedoeling met elkaar in lijn zijn.
Dát maakt iemand zichtbaar, geloofwaardig en richtinggevend voor anderen. Echte zichtbaarheid is, kortom, een weerspiegeling van wie je bent.
Het is een van de meest gehoorde verzoeken in het bedrijfsleven. Leidinggevenden en directeuren krijgen de opmerking regelmatig te horen in evaluaties. Het klinkt concreet, maar in de praktijk laat het mensen vaak in verwarring achter. Want wat wordt er nu écht mee bedoeld?
Wat schort er precies aan de huidige situatie? Wat is de bedoeling? Gaat het letterlijk over vaker je gezicht laten zien op de werkvloer, of gaat het over iets abstracters: dat je aanwezigheid voelbaarder moet zijn? Voor wie dan? En met welk doel?
Het probleem met dit soort managementjargon is dat gesprekken vastlopen omdat we verschillende dingen bedoelen met hetzelfde woord. Het is vergelijkbaar met de opmerking dat iemand “meer respect moet tonen”. Pas wanneer het gesprek concreet wordt (Wat mis je precies? Wat zou je anders willen zien?) krijgt het woord betekenis. Bij de roep om zichtbaarheid is dat niet anders.
Vaak wordt bij zichtbaarheid direct gedacht aan fysieke aanwezigheid. Hoe je aan een vergadertafel zit, hoe je kijkt, of je letterlijk ruimte inneemt of jezelf juist (on)zichtbaar maakt als je door het pand loopt of hoe je een groep toespreekt.
“Ik loop al de hele tijd expres rond, spreek juist af in de kantine, wat moet ik nog meer doen!?”, is een veelgehoorde eerste reactie.
Maar fysieke aanwezigheid is slechts een deel van hoe iemand zichzelf positioneert binnen het geheel. Die zichtbaarheid begint van binnenuit. Onder de oppervlakte spelen vaak overtuigingen mee over hoeveel ruimte iemand mag innemen, hoe zichtbaar je jezelf hoort te maken of wat goed leiderschap eigenlijk is. Bijvoorbeeld dat bescheidenheid belangrijker is dan richting geven, of dat een uitgesproken mening vooral spanning oproept. Wanneer zulke overtuigingen meespelen, helpt vaker zichtbaar aanwezig zijn meestal niet.
Echte zichtbaarheid gaat vooral over de mate waarin iemand rust, richting en overtuiging uitstraalt.
Mensen willen uiteindelijk niet alleen een leider zien, maar iemand voelen die de bedoeling van de organisatie belichaamt. Iemand van wie woorden, keuzes en gedrag met elkaar overeenkomen, geeft vertrouwen, duidelijkheid en houvast.
In veel gevallen is “zichtbaarder zijn” daarom eigenlijk een ongemakkelijke manier om te zeggen: “Laat ons voelen waar jij voor staat.”
Mensen willen weten hoe iemand naar een complexe situatie kijkt, welke richting hij of zij voor ogen heeft en of woorden en gedrag met elkaar in balans zijn. Zichtbaarheid ontstaat wanneer leiderschap van binnenuit klopt. Wanneer iemand verbonden is met waar hij of zij voor staat, daar woorden aan kan geven en daarin zichtbaar durft te worden. Mensen voelen het wanneer visie, overtuiging, gedrag en bedoeling met elkaar in lijn zijn.
Dát maakt iemand zichtbaar, geloofwaardig en richtinggevend voor anderen. Echte zichtbaarheid is, kortom, een weerspiegeling van wie je bent.















