“Je moet eens uit je comfortzone. Je speelt te veel op veilig. Zoek je grenzen eens op!” Dat soort opmerkingen van je baas. Wel eens gehoord? Je voelt meteen: wil ik dit? Ben ik op deze manier nieuwsgierig naar wat ik nog meer in me heb? Maar omdat je leidinggevende het zegt, zit er druk op. Je denkt toch dat het moet. En ergens blijft de vraag hangen: wat gebeurt er als ik het níét doe?
En dan die ‘comfortzone’. Welke zone bedoelt hij/zij eigenlijk? Wat is de echte boodschap? De intentie kan heel redelijk zijn, maar eigenlijk zegt je manager: je moet beter presteren, je moet iets anders laten zien. En wat hoort de medewerker? Een oordeel. Ik ben niet goed genoeg. Ik moet iets doen waar ik me onveilig bij voel, niet prettig of niet wil. En als ik dat niet doe komt er gedoe.
Er zijn mensen die hier (in eerste instantie) makkelijk mee om kunnen gaan, maar vaak is het effect (heimelijk) verzet, verlamming, verontwaardiging. Of een onzalige mix van die drie. De manager ziet vaak niet dat hij/zij met deze woorden het echte gesprek niet voert. En dat deze aansporing zelden motiveert op de manier waarop het bedoeld is.
Stel dat de manager iets anders zou zeggen, bijvoorbeeld dat hij graag met je wil bespreken waar je je verder in kunt ontwikkelen. Dat hij daar ideeën bij heeft en denkt dat je daar veel bij te winnen hebt. Dat hij snapt dat het spannend kan zijn omdat het onbekend terrein is en dat hij je daarbij wil helpen. Hoe voelt dát? Je voelt waarschijnlijk ruimte in plaats van druk. Uitnodiging in plaats van oordeel. Dat is waar je door in beweging wil komen.
Echte ontwikkeling begint niet bij een geforceerde duw uit je ‘comfortzone’, maar bij veiligheid, nieuwsgierigheid en een eerlijk gesprek over wat er valt te ontdekken. Samen, waarbij je voelt dat er wordt nagedacht en meegedacht hoe je nog beter kan functioneren, dat je baas dat graag voor je wil. Zo ontwikkel je gemotiveerde teamleden en een team waar mensen opbloeien en graag hun best doen.
“Je moet eens uit je comfortzone. Je speelt te veel op veilig. Zoek je grenzen eens op!” Dat soort opmerkingen van je baas. Wel eens gehoord? Je voelt meteen: wil ik dit? Ben ik op deze manier nieuwsgierig naar wat ik nog meer in me heb? Maar omdat je leidinggevende het zegt, zit er druk op. Je denkt toch dat het moet. En ergens blijft de vraag hangen: wat gebeurt er als ik het níét doe?
En dan die ‘comfortzone’. Welke zone bedoelt hij/zij eigenlijk? Wat is de echte boodschap? De intentie kan heel redelijk zijn, maar eigenlijk zegt je manager: je moet beter presteren, je moet iets anders laten zien. En wat hoort de medewerker? Een oordeel. Ik ben niet goed genoeg. Ik moet iets doen waar ik me onveilig bij voel, niet prettig of niet wil. En als ik dat niet doe komt er gedoe.
Er zijn mensen die hier (in eerste instantie) makkelijk mee om kunnen gaan, maar vaak is het effect (heimelijk) verzet, verlamming, verontwaardiging. Of een onzalige mix van die drie. De manager ziet vaak niet dat hij/zij met deze woorden het echte gesprek niet voert. En dat deze aansporing zelden motiveert op de manier waarop het bedoeld is.
Stel dat de manager iets anders zou zeggen, bijvoorbeeld dat hij graag met je wil bespreken waar je je verder in kunt ontwikkelen. Dat hij daar ideeën bij heeft en denkt dat je daar veel bij te winnen hebt. Dat hij snapt dat het spannend kan zijn omdat het onbekend terrein is en dat hij je daarbij wil helpen. Hoe voelt dát? Je voelt waarschijnlijk ruimte in plaats van druk. Uitnodiging in plaats van oordeel. Dat is waar je door in beweging wil komen.
Echte ontwikkeling begint niet bij een geforceerde duw uit je ‘comfortzone’, maar bij veiligheid, nieuwsgierigheid en een eerlijk gesprek over wat er valt te ontdekken. Samen, waarbij je voelt dat er wordt nagedacht en meegedacht hoe je nog beter kan functioneren, dat je baas dat graag voor je wil. Zo ontwikkel je gemotiveerde teamleden en een team waar mensen opbloeien en graag hun best doen.














